Zo professionaliseer je je kunststof-kwaliteitssysteem

5 vragen over het testen van kunststof

Je wil een product van de beste kwaliteit kunststof. Logisch! Maar ís die kwaliteit ook goed? En hoe weet je dat zo zeker? Het antwoord is simpel: door regelmatig je ‘ingaande’ kunststofstromen te testen! Met de toevoeging van een aantal eenvoudige tests in je productieproces, zet je mooie stappen in het professionaliseren van je kwaliteitssysteem. Hoe, wat en waarom? Dat lees je aan de hand van de volgende vijf vragen.

 

Allereerst: waarom testen?

 

Virgin, recyclaat, regrinds of een combinatie ervan: je kunt je product uit allerlei stromen kunststof produceren. En ja, lang was virgin de standaard. Het voordeel van virgin is namelijk dat het ontzettend voorspelbaar is. Je weet wat de kwaliteit van de output is, net als hoe je (spuitgiet- of extrusie-) machines op het materiaal moet instellen. Natuurlijk is die voorspelbaarheid comfortabel, maar met de druk op onze grondstoffen en opkomende wetgeving (Nationale Circulaire Plastic Norm), groeit de behoefte naar duurzamere alternatieven.

 

Gelukkig zien we dat steeds meer bedrijven de switch maken naar recyclaat en regrinds. Goed nieuws natuurlijk, maar dat vraagt om een scherpere blik aan de voorkant. Recyclaat kan vervuild zijn of is een samenstelling van meerdere stromen, die in elke batch kan verschillen. Dat is geen ramp, maar je wil wél weten of deze batch aan de achterkant aan de producteisen voldoet. En of je je machinepark op deze variatie moet instellen. Dat zie je niet met het blote oog, maar ontdek je alleen door de ingaande kunststofstromen te testen. Zo zorg je ervoor dat:

  1. Jouw product met de juiste kwaliteit van de band rolt.

    Als je weet wat erin gaat, weet je ook beter welke kwaliteit eruit komt. Prima als het materiaal een beetje variatie toont, maar door te testen weet je of je product aan de achterkant voldoet.

  2. Je productieproces betrouwbaar blijft.

    Als je weet wat je proces ingaat, voorkom je eerder fouten. Zo beperk je de scrap-rate. Met (meestal kleine) aanpassingen aan je machines (of aan de batches zelf), blijft je productie optimaal.

Testen is dus een mooie stap om je processen te professionaliseren. Ook als je nog twijfelt over het overstappen naar (deels) recyclaat: testen geeft zekerheid.

 

“Zorg dat je weet wat je in handen hebt, voordat het je machines raakt.”

aldus Peter van Barneveld, Business Developer

 

Wat wil je testen?

Dan wil je weten waar je op gaat testen. En wat moet je in ieder geval testen om zeker te zijn dat de ingaande kunststofstroom van de juiste kwaliteit is? Bij Polymer Science Park kennen we meer dan 20 verschillende testen. Maar volgens ons zijn dit de vier die je sowieso wil doen om een robuust kwaliteitssysteem op te zetten:

  1. FTIR en DSC
    Met FTIR spoor je verschillende polymeren en onzuiverheden in het recyclaat op, op basis van hun unieke infraroodspectra. Met DSC kun je verschillende polymeren in het recyclaat identificeren, door naar het specifieke smeltgedrag te kijken. Met een of beide testen, weet je zeker of en in welke mate je recyclaat zuiver is.
  2. Ver-assing
    Hiermee bepaal je de hoeveelheid anorganische vervuiling zoals glas, metaal en zand. Zo kan door de aanwezigheid van zand je product sneller breken of de verwerkingsmachine slijten.
  3. Melt Flow Index (MFI)
    MFI meet de vloeibaarheid van je materiaal. Soms is het nodig om de machines net even anders in te stellen voor een goedgevuld product.
  4. Treksterkte en impact test
    Hiermee test je mechanische eigenschappen zoals de treksterkte, stijfheid, rekbaarheid, slagvastheid en taaiheid. Als je de eigenschappen van de batch weet, weet je beter of je product voldoet aan de eisen. Is het sterk, stijf of flexibel genoeg?

 

Wanneer testen?

Dat bepaal je zelf, afhankelijk van je type product en hoeveel je produceert. Vaak zien we dat bedrijven alleen de allereerste batch laten testen, om vervolgens jarenlang op volle toeren te produceren. Terwijl de batches variatie kunnen vertonen en dus ook de samenstelling ervan. Door een aantal tests in te bedden in je productieproces, voorkom je verrassingen. Je kunt bijvoorbeeld standaard tests doen:

  • bij elke batch (of meerdere tegelijk). Bijvoorbeeld MFI;
  • als je wisselt van leverancier;
  • op aantal: steekproefsgewijs bij bijvoorbeeld elke 5e of 10e batch;
  • op tijd: steekproefsgewijs elke 3e week van de maand of bij de start van de week.

Natuurlijk hangt dat ook af van hóe je je kwaliteitssysteem inregelt. Daarmee komen we op het volgende punt.

 

Hoe borg je dat in je kwaliteitssysteem?

Er zijn in de basis twee manieren om je eigen systeem op te zetten:

  1. Door zelf machines aan te schaffen.
    Eerlijk is eerlijk: dat is vooral voor grote bedrijven haalbaar. Zij schaffen de machines aan en leiden de mensen op. Daarvoor zijn middelen én de kennis nodig. Daarom ‘lenen’ we onze specialisten regelmatig uit om mee te denken over de opzet en het trainen van de collega’s. Zo kan het bedrijf daarna zelf de batches testen, de effecten op het product meten en de machines afstellen waar nodig.
  2. Door het testen uit te besteden.

Dat hoeft niet ingewikkeld te zijn. Je stuurt een (of een aantal) batches op en binnen korte tijd is duidelijk of deze voldoen aan jouw kwaliteitseisen. Zo zijn wij al onderdeel van de vaste workflow van een groot aantal bedrijven. Het voordeel is dat we, omdat we veel materiaalstromen kennen, de data breder kunnen interpreteren. Zo kunnen we een bredere analyse doen. Blijkt bijvoorbeeld de treksterkte te laag? Dan kunnen we ook helpen een antwoord te vinden.

 

Daarnaast is het van cruciaal belang dat de data wordt verzameld en geanalyseerd, zodat je een trendanalyse kan maken. Zo kun je terugkijken in de tijd in het geval van een kwaliteitsissue en kan je verbanden proberen te leggen.

 

Je eigen kwaliteitssysteem. Wat zijn de voordelen?

Door te testen (of te láten testen) heb je een groot voordeel. Namelijk: dat je je eigen database en trendanalyse opzet  Dat is handig omdat:

 

  • … het je meer keuzemogelijkheden geeft.
    Je weet precies wat jouw product en proces nodig heeft en welke samenstelling een recyclaat mag hebben. Zo kun je breder kijken dan 1 leverancier.
  • … het voor zekerheid zorgt.
    Natuurlijk, je kunt afgaan op de technische specs van de leverancier van het recyclaat. Maar niet elke leverancier meet hetzelfde of werkt met dezelfde toleranties van vervuiling.
  • …het je onafhankelijk maakt.
    Met name als je het uitbesteedt. Jouw testresultaten zijn onafhankelijk ingewonnen. Mocht een klant of leverancier een kwaliteit-gerelateerde vraag hebben, dan is daar geen twijfel over mogelijk.
  • … het je zekerheid geeft, mocht je nog twijfelen over recyclaat.
    Als je overweegt om te schakelen naar duurzamer kunststof, maar je twijfelt over de kwaliteit. Meten is weten, en zo borg je de kwaliteit aan de voorkant.

 

Gedreven testexperts

Het mag duidelijk zijn dat we enthousiast zijn over testen! Want door een eenvoudige toevoeging van tests, kun je een grote slag slaan in de kwaliteit van je producten én processen. Ook – of misschien wel júist – als je werkt met recyclaat!

 

Ook je kwaliteitscontrole (verder) professionaliseren?

We denken graag mee, neem daarvoor vrijblijvend contact op.

Duurzame Innovatie bij Hemmink

Duurzaamheid is een groeiend thema in de kunststofindustrie met het zicht op de Circulaire Plastics Norm die naar verwachting in 2027 start. Bedrijven realiseren zich de noodzaak om verantwoord om te gaan met grondstoffen en te zoeken naar manieren om hun producten duurzamer te maken. We spraken met Ferry Overweg, product manager bij Hemmink in Zwolle. Voor Hemmink was de vraag naar verduurzaming en het tekort aan grondstoffen de aanleiding om retourstromen van kunststofproducten te willen hergebruiken. Hun ‘eigen’ spijkerclip was daarbij een logische eerste stap.

 

De Aanleiding

Hemmink is een leverancier van producten, oplossingen en concepten voor de (woning)bouw, utiliteit en industrie. Onderdeel van Hemmink is productiemaatschappij JMV (Janssen Metaalwerken Vorden) dat een bevestiging voor buizen en kabels vervaardigt uit kunststof, zogeheten spijkerclips. Ze zijn geen kunststofproducent, omdat het spuitgieten wordt uitbesteed, maar zien wel dat ze op weg moeten naar een duurzame toekomst. Natuurlijk onder druk van de aankomende wetgeving, maar ze willen ook graag voorloper zijn als het gaat om deze initiatieven en leveranciers en de markt inspireren. “Je wil niet dat iedereen zegt: we zijn voor zoveel % verduurzaamd en dat wij nog steeds met uitsluitend virgin producten werken.” aldus Ferry Overweg, product manager bij Hemmink.

 

Daarbij willen ze ook meer kennis opdoen over het toepassen van recyclaat in bestaande producten. De eigenaar van het spuitgietbedrijf dat Hemmink destijds leverde, toonde interesse in het gebruik van recyclaat, wat uiteindelijk heeft geleid tot het gezamenlijk initiëren van dit project. Voor het uitvoeren van het project zijn ze een samenwerking aangegaan met Polymer Science Park (PSP).

 

 

Het Project

Nadat duidelijk was welk materiaal en welke eigenschappen er nodig zijn voor de spijkerclips, is PSP gaan zoeken of er een recyclaat beschikbaar was om het virgin materiaal (deels) te vervangen. Toen bleek dat dit mogelijk was, is het testen van de verschillende materialen gestart. Het virgin materiaal is vergeleken met het best passende recyclaat ten opzichte van de kwaliteiten en eigenschappen van het virgin materiaal.  Het was hierbij van cruciaal belang dat de kwaliteit en karakteristieke eigenschappen van het recyclaat zo dicht mogelijk bij de waarden van het virgin materiaal kwamen te liggen.

“Duurzaam is prima, graag zelfs. Maar wij willen niet dat het ten koste gaat van de productkwaliteit. Het is een compromis die wij niet willen sluiten, wetende dat een kortere levensduur van producten ook niet duurzaam is.“

Het volledig vervangen voor recyclaat is getest met behulp van de volgende test-mogelijkheden:

  • Trekproef (Tensile test)
  • Melt Flow Index (MFI)
  • Impactsterkte
  • UV verouderingstest

Daaruit bleek volledige vervanging (nog) niet mogelijk. Er is toen gekozen om een deel van het virgin materiaal te vervangen door recyclaat. Er zijn meerdere verhoudingen om tot de uiteindelijke succesvolle samenstelling te komen dat positief uit alle tests is gekomen. Met die specifieke samenstelling zijn proefspuitingen gedaan in het verwerkingslaboratorium van PSP. De proefspuitingen onder leiding van Nils en de aanvullende tests verliepen gestroomlijnd zonder verstoppingen en aanzienlijke afwijkingen (variabelen). Dit is uiteindelijk overgedragen aan de spuitgieter waar Hemmink mee samenwerkt, om de samenstelling toe te passen in de productie van het daadwerkelijke product.

“Het was fijn om PSP erbij te hebben als kennispartner”

Er zijn geen concessies gedaan en Hemmink staat dan ook 100% achter het uiteindelijke product. Wat er wel verandert bij het toepassen van recyclaat is dat je niet altijd controle hebt over het aanbod van recyclaat. Tijdens het testen bleek een zwarte korrel het beste te passen bij de spijkerclip dat vermengd werd met heldere virgin korrels. Het voordeel daarbij is dat zwart toevallig ook nog een trendkleur is. Er kan ook gekozen worden voor meerdere kleuren, maar dan krijg je wel een heel bont palet aan kleuren in het eindproduct.

 

Van Succes naar Toepassing

Het project is succesvol afgerond, wat de weg vrij maakt om het ook toe te gaan passen. Door een aantal praktische zaken in de operationele sfeer, is het er in 2023 niet van gekomen. Het voornemen is echter om dit in 2024 verder op te pakken. De eerste waarschijnlijke stap daarbij zal dan zijn dat er een recyclaat variant van de spijkerclip komt met de samenstelling uit het project, naast de bestaande variant gemaakt van virgin kunststof. Daarbij verwacht Hemmink geen aanzienlijk prijsverschil tussen de varianten, wat wel afhankelijk is van de recyclaatprijzen.

 

Zijn jouw kunststoffen al toekomstbestendig? PSP kijkt graag mee hoe de kunststofproducten en processen verduurzaamd kunnen worden. Neem daarvoor vrijblijvend contact met ons op.

Vorige week waren wij te gast in de Duurzame Kunststoffabriek van RPP Kunststofoplossingen voor het Kunststof Podium: van Consumentenafval naar Grondstof. Samen met Rova gingen de aanwezige bedrijven in gesprek over de knelpunten van inzameling naar recycling van kunststoffen.

De middag zijn wij gestart met Martine Bonnema van Polymer Science Park (PSP) die benadrukt dat je op weg naar een circulaire economie afhankelijk bent van alle stappen in de keten. Als er bij het inzamelen iets niet goed gaat, dan heeft de hele keten daar last van. Hier ging Rova verder op in.
Hoe gaat PSP hier mee om? PSP doet onderzoek voor bedrijven in de kunststofindustrie en helpen bij innovaties. Met name in de toepassing van duurzame kunststoffen. PSP kan ondersteunen op verschillende vlakken zoals materiaalonderzoek, selectie en optimalisatie. Maar ook op het gebied van proces en ontwerp.

“Rova zit in het afvoerputje van de keten.”

Aldus Corina Hendriks, beleidsadviseur bij Rova. Ze nam ons, samen met collega Marjolein Mann, mee in de wereld van de inzamelaar. Alle ‘troep’ die consumenten kopen krijgt Rova vroeg of laat op het terrein, maar die rol veranderd ondertussen wel een beetje. De rol van een inzamelaar wordt steeds belangrijker. Ze zamelen niet alleen in voor de verbranding, maar worden ook leverancier van grondstoffen om de keten verder te helpen. “Goede afvalscheiding is niet waar consumenten mee bezig zijn als ze in de keuken staan en wij zijn er dan niet om ze voor te lichten.” aldus Corina Hendriks. Daarom maakt Rova gebruik van drie soorten ‘prikkels’.

  • Financiële prikkel: bijvoorbeeld het Diftar-concept van Rova.
  • Service prikkel: Makkelijker maken om het juiste afval thuis in te zamelen en slecht afval weg te laten brengen.
  • Gedragsprikkel: Voorlichting, communicatie en educatie met behulp van gedrag beïnvloedende instrumenten.

Maar aanvullende motivatie is nodig, daarom heeft Rova meerdere campagnes ontwikkeld. Een voorbeeld hiervan is het afvalscheidingsspel. Marjolein Mann nam dit spel mee naar de bijeenkomst om samen met de aanwezige bedrijven te doen. Dat leverde mooie discussies op, want ook professionals uit de kunststofketen zijn het niet altijd eens over hoe het afval gescheiden moet worden of zien met nascheiding niet altijd het nut in van afvalscheiding door consumenten. Naar aanleiding daarvan kwamen een aantal cijfers aan bod, die wij hieronder graag met u delen.

Deze cijfers zijn gebaseerd op de huidige situatie.

 

“Producenten hebben een adviserende rol.”

Aldus Emmelien Regeling, General Manager bij RPP Kunststofoplossingen. Ze presenteert een aantal mooie voorbeelden van wat er al gedaan kan worden met gerecyclede kunststoffen.

Ze benoemt dat producenten een adviserende rol hebben naar hun afnemers. RPP neemt de producten die geproduceerd worden onder de loep en kijken hoe deze mogelijk duurzamer geproduceerd kunnen worden. Bijvoorbeeld door virgin kunststof te combineren met gerecycled kunststof. Ze stellen daarbij kritische vragen. Moeten producten per se in een bepaalde klaar gemaakt worden of kan dat ook anders? Bijvoorbeeld bij motoronderdelen, die aan de buitenkant niet zichtbaar zijn.

Na de inspirerende presentaties en het interactieve spel kregen discussies een vervolg tijdens de afsluitende netwerkborrel. Wilt u naar aanleiding van deze bijeenkomst in contact komen met één van de partijen, dan helpen wij u daar graag bij. Neem daarvoor contact op met PSP.

In onze vorige blog gaven wij u 3 manieren om te starten met een ‘groener’ plastic product portfolio, namelijk:

1) Gebruik maken van gerecycled plastic – oftewel recyclaat

2) Gebruik maken van biogebaseerde kunststoffen

3) Gebruik maken van bioafbreekbare kunststoffen

Voor deze onderwerpen geldt dat er uitdagingen en kansen liggen. In deze blog vertellen wij u meer over het gebruik van gerecyclede plastics.

 

Goodbye virgin, hello recyclaat!

Er zijn een aantal redenen waarom bedrijven gerecycled plastic willen gebruiken. De belangrijkste zijn milieuwinst en prijs. Gerecycled kunststof kost minder energie om geproduceerd te worden en door ze her te gebruiken, voorkomen we dat ze in het milieu terecht komen. Dit bespaart CO₂ en extra kosten! De kosten van recyclaat zijn momenteel lager dan die van nieuw (virgin) materiaal.

Daarnaast zien we dat consumenten, bedrijven en (semi) overheden steeds vaker duurzaamheid meewegen in hun aankoop. Onderscheidend vermogen door middel van inzet van recyclaat is dus gewoon onderdeel van het businessmodel vandaag; survival of the fittest!

Als laatste spelen overheid ambities en voortvloeiende regelgeving ook een rol. We hebben in Nederland afgesproken dat in 2030, 50% van de grondstoffen circulair moet zijn. Om hieraan te voldoen, kan de overstap naar gerecycled kunststof een belangrijke stap zijn. We zien nu al in Frankrijk dat het verplicht is om 20% circulaire content te hebben in alle overheidsaanbestedingen.

Dat recyclaat als alternatief voor virgin plastic kan worden ingezet, is in een breed scala aan producten al aangetoond. Denk hierbij aan verfemmers, zeepflessen, maar ook producten in de bouw zoals profielen, buizen en kappen.

Kortom; de weg ligt behoorlijk open met kansen om gerecycled plastic in te zetten. Toch zijn er een aantal overwegingen en voorbereidingen nodig.

 

Ja ik wil recyclaat inzetten, hoe nu verder?

De uitdagingen in het gebruik van recyclaat zijn te categoriseren in 3 onderwerpen.

  • Beschikbaarheid
  • Wetgeving
  • Materiaaleigenschappen

 

 

Beschikbaarheid

Stabiliteit in kwaliteit en beschikbaarheid van het juiste materiaal is belangrijk voor een stabiel proces en eindproduct. De beschikbaarheid van kunststof hangt samen met de inzameling en sortering van het plastic. Er kan worden gesorteerd op type kunststof, product en/of kleur. Hoe beter het materiaal gesorteerd wordt, hoe beter de eigenschappen zijn.   Dit proces is zowel kostbaar als technisch uitdagend. Neem bijvoorbeeld een handvat van een boormachine, deze bestaat uit twee types kunststof die aan elkaar vast zitten. Design-For-Recycling (denk aan modulariteit en ontwerp van monomateriaal) hangt daarom zeer sterk samen met de kwaliteit en beschikbaarheid van het recyclaat.

 

Wetgeving

De huidige wetgeving stimuleert het gebruik van gerecycled plastic. Normen worden langzaam maar zeker herschreven om gebruik van recyclaat niet te verhinderen. Toch zijn er een aantal kunststof toepassingen waarbij dit lastig ligt. De voedselwetgeving schrijft voort dat er in voedseltoepassingen buiten PET nog geen gerecycled kunststof mogen worden toegepast. Dit komt doordat contaminaties de voedselveiligheid niet gegarandeerd kan worden. Een verdieping van wat mag in uw segment wordt sterk aanbevolen.

 

Materiaaleigenschappen

Materiaaleigenschappen worden bepaald door recyclaat goed te sorteren (puurheid), wassen (verwijderen vervuiling, contaminaties, geur) en upgraden waar nodig. De materiaaleigenschappen van recyclaat zijn anders dan virgin kunststoffen. Belangrijk is om de relevante eigenschappen te weten van de virgin kunststof en een benchmark uit te voeren met het gerecyclede equivalent. Daarnaast kunnen de eigenschappen worden verbeterd door het gebruik van additieven tijdens de compounding stap of een verbeterde sortering.

 

Van uitdagingen naar innovatie

De Kunststof branche is zich goed bewust van bovenstaande mogelijkheden en uitdagingen. Bij de ontwikkeling van nieuwe producten wordt rekening gehouden met het gebruik van recyclaat, al dan niet van eigen retour stromen of vanuit ingezameld afval. In geval van retourstroom pilots wordt er veel geleerd over hoe producten terugkomen en weer worden ingezet als waardevolle grondstoffen Deze recyclaat stromen worden vaak opgewaardeerd om aan producteigenschappen te voldoen.

Wat opvalt is dat in alle kunststof segmenten vooral grote stappen wordt gezet door de ‘leaders of the industry’. Zij omarmen het nieuwe businessmodel dat rekening houdt met zowel een lage footprint, volledige recycleerbaarheid en prachtige product performances. Zie bijvoorbeeld het ELYSIUM matras van Auping wat bestaat uit een (mono) type kunststof en via retour systemen aan het einde van zijn levensduur weer terugkomt.

 

Bent u de volgende ‘leader of the industry’ en heeft u ambities om van start te gaan met recyclaat in uw product? Loopt u daarin tegen één van deze of andere uitdagingen aan? Wij pakken de uitdagingen graag met u aan. Onze materiaal- en verwerkingsdeskundigen van Polymer Science park helpen u verder met kennis, test- en prototype faciliteiten en een prachtig netwerk.  Neem daarvoor vrijblijvend contact op.

Martine Bonnema, 16 mei 2023

Plastic producten hebben vaak een negatief imago, terwijl deze markt de afgelopen decennia sterk is gegroeid. Het probleem waar veel productmanagers, ontwerpers en R&D-managers mee te maken hebben, is waar ze moeten beginnen met het “vergroenen” van hun portfolio dat nog steeds op fossiele brandstoffen is gebaseerd. In deze blog geven we 3 opties die u op weg helpen.

 

Plastic: the best and the worst

Er wordt vaak gezegd dat plastics de drijvende kracht zijn achter de circulaire en koolstofarme economie die Europa voor ogen heeft. De unieke eigenschappen van plastics zorgen voor unieke functionaliteiten: lange levensduur, niet-corrosief, eindeloos recyclebaar en licht van gewicht. Maar dat heeft een prijs; het grootste deel van de polymeren is nog steeds gebaseerd op fossiele brandstoffen en de hoeveelheid polymeren die daadwerkelijk wordt gerecycled, is nog steeds beperkt. Bovendien belanden plastics vaak op de vuilnisbelt en bedreigen microplastics onze wateren. Dus de vraag rijst, wat kunnen we doen om deze producten toekomstbestendig te maken? 

 

Reduce, Re-use and Recycle; waar en hoe te beginnen?

Waarschijnlijk bent u al begonnen met een of meer van de onderstaande R’s om de impact van uw producten te verminderen: 

  • Verminderen: Verminder het gewicht en/of schakel over op niet-fossiele of niet-virgin grondstoffen. Verleng de levensduur van het product zodat minder herhaalaankopen nodig zijn. 
  • Hergebruiken: Verbeter de repareerbaarheid en voeg modulaire componenten toe.
  • Recycling: Herwin waardevolle materialen om nieuwe producten te produceren.

De 3 R’s zijn enigszins abstract en niet voldoende richtinggevend voor ontwerpers, productontwikkelaars, marketeers en R&D-ingenieurs om een productwijziging te starten. In de samenvatting hieronder geven we u 3 mogelijke richtingen om te beginnen: 

 

 

 

1. Gebruik van recyclaat

Vandaag de dag is er een groeiende voorraad recyclaat die wordt gegenereerd uit industrieel en consumentenafval. Recyclaat wordt gewassen, gesorteerd (op kleur/kwaliteit) en opnieuw gesmolten tot granulaat. Grote fracties (in verschillende kwaliteiten) die beschikbaar zijn als recyclaat zijn PP, PET en PE (HDPE/LDPE). Hieronder enkele overwegingen om rekening mee te houden bij de inzet van recyclaat:

  • Beschikbaarheid en prijs: stabiliteit van aanbod en prijs geeft inzicht in hoeveel recyclaat je kunt gebruiken.
  • Fysieke eigenschappen: het is essentieel om de fysieke eigenschappen van beschikbare materialen te controleren en deze af te stemmen op de vereisten van je product. 

 

2. Gebruik van biogebaseerde kunststoffen

Op dit moment is het niet mogelijk om elk type product volledig te produceren met recyclaat als grondstof, vanwege verschillende redenen (zoals voorschriften voor voedselkwaliteit, fysische eigenschappen en beschikbaarheid). In het geval dat je toch een start wilt maken met het verminderen van het gebruik van fossiele brandstoffen en CO2-uitstoot, zijn bBiobased materialen een interessant alternatief. De belangrijkste factor om rekening mee te houden is beschikbaarheid en prijs, vanwege de relatief lage volwassenheid van deze technologie. Daarnaast is het belangrijk om de verwerkings- en fysieke eigenschappen te kennen, omdat sommige biobased kunststoffen directe alternatieven zijn (zoals Bio-PE), maar sommige materialen een compleet verschillende set eigenschappen hebben (zoals PHA, PEF). 

 

3. Gebruik van biologisch afbreekbare kunststoffen

Biologisch afbreekbare kunststoffen zijn een interessante oplossing voor kunststofproducten waarbij (onbedoelde) vrijlating in het milieu waarschijnlijk is. Voorbeelden hiervan zijn verpakkingen en draagbare textielproducten in de vorm van microplastics. Het overschakelen naar biologisch afbreekbare materialen kan afvalvermindering, microplastics en milieuvrijlating verminderen. 

Een belangrijk punt is om te controleren of de geteste afbraakconditie overeenkomt met de omgeving waarin het product waarschijnlijk wordt vrijgegeven (zoals industriële compostering, thuiscompostering, natuurlijke bodem). Tot slot zijn biologisch afbreekbare kunststoffen minder geschikt voor producten die kunnen worden gerecycled via een gecoördineerd end-of-life systeem, zoals via een systeem voor uitgebreide productverantwoordelijkheid (UPV). Waardevolle kunststoffen moeten in de kringloop worden gehouden in plaats van weg te lekken.

 

Maak een start in 2023!

Wilt u een start maken met het gebruik van recyclaat, biobased of biologisch afbreekbare kunststoffen, dan kan Polymer Science Park u helpen met een van onze materiaal- en verwerkingsdeskundigen. PSP is een open innovatiecentrum dat is gespecialiseerd in onderzoek en ontwikkeling van toekomstbestendige polymeren. Neem contact met ons op voor meer informatie.

 

Peter van Barneveld, 15 maart 2023

Nederland heeft de ambitie om in 2030 de helft minder primaire grondstoffen te gebruiken. Voor de rubber- en kunststofindustrie betekent dit concreet de inzet van 1000 kton gerecyclede kunststoffen, waarvan 750 kton uit mechanische recycling en 250 kton uit chemische recycling. Het Actieplan Toepassen Kunststof Recyclaat bevat de maatregelen die moeten worden genomen om deze doelstelling te halen. Op 6 september werd het plan tijdens een digitale bijeenkomst aangeboden aan demissionair staatssecretaris Steven van Weyenberg van Infrastructuur en Waterstaat.

Het actieplan is opgesteld door een team van deskundigen en met ondersteuning van Partners for Innovation, onder regie van het Transitieteam Kunststoffen. Daarnaast was er de inbreng van zo’n 150 stakeholders, waaronder bedrijven uit de kunststofketen, ngo’s, kennisinstellingen en overheden. In het Transitieteam is een groot aantal partijen vertegenwoordigd, waaronder de NRK, PlasticsEurope Nederland, en het Polymer Science Park en Rijkswaterstaat.

Het plan richt zich op een groot aantal gebieden waar de markt voor recyclaat op dit moment stagneert. Acties om de belemmeringen weg te nemen en de markt vlot te trekken zijn direct nodig, vindt Jos Keurentjes, voorzitter van het Transitieteam. “Om de tussentijdse doelstelling van 2030 en uiteindelijk ook de volledig gesloten kunststofketen in 2050 te bereiken, moeten we echt tempo gaan maken. Het gaat niet alleen om de grondstoffen. We moeten ons realiseren dat we met recyclaat ook een enorme winst pakken in de CO2-footprint. Wanneer de doelstelling van 2030 wordt gehaald, betekent dit een potentiële jaarlijkse CO2-reductie van 1525 kiloton.”

 

“Continuïteit heel belangrijk”

Dat de praktijk weerbarstig is, weten de ondernemers die nu al producten met gerecyclede kunststoffen op de markt brengen. “Technisch kan de inzet van recyclaat heel goed”, zegt Dizzy Soederhuizen van Omefa, één van de bedrijven die zijn uitgenodigd om op 6 september een stukje van de dagelijkse praktijk te belichten. “Prijstechnisch kan het momenteel ook. Maar wanneer de prijs van virgin kunststof daalt, zien we dat het recyclaat daar niet in mee kan. Je krijgt een heel grillig gebeuren, terwijl juist de continuïteit voor ons als ondernemers heel belangrijk is.”

Ook Dijkstra Plastics, fabrikant van kunststof verpakkingsemmers, zet al geruime tijd recyclaat in. “Op dit moment is de toepassing van post consumer materiaal mogelijk voor bijna alle non-food producten”, zegt Remy Notten. “Wat ons betreft zou dat gewoon de norm moeten worden.”

Auping produceert sinds 2018 een volledig circulair matras. Het bedrijf streeft naar een volledig circulair productassortiment in 2030. “Het zou waardevol zijn als het hoogwaardig recyclen van kunststof textiel verder kan worden opgeschaald”, zegt Geert Doorlag. Hij pleit net als Notten voor een gelijk speelveld voor circulaire producten. “We stoppen veel tijd en energie in het terugnemen en recyclen. Het zou van toegevoegde waarde zijn als de competitie hier op dezelfde manier mee bezig is.”

 

Vijftien maatregelen

Omefa, Dijkstra Plastics en Auping behoren tot de koplopers van de industrie, waar steeds meer fabrikanten en recyclers hun proces, producten en grondstoffen verduurzamen om bij te dragen aan de circulaire economie. Toch is er in het geval van recyclaat nog geen sprake van een goed geoliede, transparante markt met stabiele prijzen die kunnen concurreren met de prijs van virgin materiaal. Het actieplan moet daar verandering in brengen. Het bevat een pakket van vijftien maatregelen en benoemt de partijen die de actie moeten nemen. Van de overheid wordt verwacht dat zij de markt met regie, adequate regelgeving en een heldere visie voor de lange termijn ondersteunt.

Volgens Keurentjes reikt die inzet verder dan de eigen landsgrenzen. “Er moet een economische werkelijkheid worden gecreëerd waarin het aantrekkelijk wordt om recyclaat in te zetten. Dat kun je als klein landje niet alleen. Dus moeten we ook kijken naar een Europees verplicht aandeel recyclaat in allerlei producten en marktprikkels zoals een heffing op virgin materiaal, waarmee de maatschappelijke kosten op een goede manier worden verdisconteerd.”

 

26 duizend volle vrachtwagens

Staatssecretaris Van Weyenberg ontvangt het actieplan uit handen van Keurentjes en zegt blij te zijn met het initiatief en de grote ambities vanuit de industrie. “Duizend kiloton recyclaat klinkt overzichtelijk, totdat je doorhebt hoeveel nullen er staan als het over kilo’s gaat. Een miljard kilo, 26 duizend volle vrachtwagens. Dat gaat niet vanzelf. Dan is het mooi om te zien dat er veel energie is om het voor elkaar te krijgen.”

Van Weyenberg is voorstander van méér zekerheid voor de bedrijven die recyclaat in hun producten verwerken. Daarmee werken zij per slot van rekening ook mee aan de doelen uit het Klimaatakkoord van Parijs. “Een lagere olieprijs die maakt dat het businessmodel voor recyclaat onder druk komt te staan, is één van de extra redenen om de CO2-uitstoot veel meer te beprijzen.”

Het mag in elk geval niet blijven hangen op enthousiasme, meent de staatssecretaris. “Het moet een economisch draaiend model zijn. En dat de partijen die geen recyclaat toepassen, daar ook de prijs voor betalen die het gebruik van grondstoffen voor onze samenleving en het klimaat met zich meebrengen.”

 

Vraag jaagt aanbod aan

In het actieplan ligt de focus in eerste instantie op het stimuleren van de vraag. Zo worden fabrikanten en merkeigenaren gevraagd om daar waar mogelijk recyclaat in te zetten, of uit te leggen waarom dat nog niet kan. Binnen het Plastic Pact hebben veel fabrikanten en merkeigenaren zich reeds gecommitteerd aan het verduurzamen van de kunststofketen. Van de overheid wordt verwacht dat ze circulair gaat inkopen, met in de aanbestedingsregels haalbare minimumpercentages circulaire grondstoffen die jaarlijks omhoog worden bijgesteld.

Een grotere vraag betekent automatisch dat inzamelaars en recyclers meer mogelijkheden krijgen om te investeren in een hogere capaciteit. Dat is op de middellange termijn noodzakelijk om de markt goed te laten functioneren. “We zullen in de toekomst veel méér recyclaat nodig hebben”, zegt Erik de Ruijter, directeur Beleid en advies van de NRK, de vereniging van fabrikanten en recyclers van rubber- en kunststofproducten. “We moeten dus van meer afval recyclaat maken, terwijl we nu nog veel afval aan het verbranden zijn. Om continuïteit en groei mogelijk te maken, moeten we daar in elk geval mee stoppen. Om de transitie goed door te maken, is het ook van belang dat chemisch en mechanisch gerecycled materiaal op een eerlijke manier concurreren.”

In het actieplan zijn naast nieuw geformuleerde acties ook lopende initiatieven ondergebracht, zoals de Green Deal ‘Betrouwbaar bewijs voor toepassen van kunststof recyclaat’ en de ontwikkeling van vraag gestuurde standaarden voor recyclaat. Met de Green Deal kunnen claims worden gemaakt over het aandeel recyclaat in producten. Met de standaarden kunnen fabrikanten eenvoudig het benodigde recyclaat vinden en kunnen recyclers naar de gevraagde volumes toe produceren. De Ruijter hoopt dat deze initiatieven uiteindelijk Europees gedragen zullen gaan worden.

 

Samenhang en kennisdeling

Nu het actieplan is aangeboden, is het volgens het Transitieteam belangrijk om de snelheid vast te houden. Versnelling kan onder andere worden bereikt door de samenwerking te verbeteren, meent Keurentjes. In het actieplan zijn ook daar concrete acties voor benoemd. “We moeten zorgen dat er meer samenwerking en kennisdeling tussen de waardeketens op gang komt, om te voorkomen dat we in allerlei parallelle paadjes terecht komen. We willen zoveel mogelijk bedrijven betrekken bij de transitie. Hiervoor is samenhang nodig vanuit de regio’s en de Nationale Transitieagenda Kunststoffen. Daar kan onder meer de mkb-samenwerkingsagenda Rijk-Regio voor worden benut.”

Van Weyenberg zegt toe het thema op de politieke agenda te houden. “Een volgend kabinet zal een aantal nieuwe knopen doorhakken, maar ik zal ervoor zorgen dat we de dynamiek vasthouden en misschien wel versnellen, waar dat kan. Het actieplan is daar wat mij betreft een heel duidelijke oproep voor.”

 

Het Rijksbrede programma ‘Nederland circulair 2050’ stelt als doel een volledig circulaire Nederlandse economie in 2050. De ambitie van het kabinet is om samen met maatschappelijke partners in 2030 een (tussen)doel te realiseren van 50 procent minder gebruik van primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen). In het Grondstoffenakkoord zijn deze doelstellingen door meer dan 400 bedrijven, ngo’s, financiële instellingen, kennisinstituten, overheden en andere organisaties onderschreven. Voor rubber en kunststoffen is dit nader uitgewerkt in de transitieagenda Kunststoffen en vervolgens vertaald naar projecten als beschreven in het nationale Uitvoeringsprogramma Circulaire Economie (CE) 2019-2023.

Heb je een vraag?

Bel ons op 085 483 7800 of maak gebruik van het onderstaande contactformulier.