Samen op weg naar een circulaire kunststofketen

Samen versnellen we technologische vernieuwing in de circulaire economie. De Nederlandse economie moet in 2050 volledig draaien op herbruikbare grondstoffen. Daarvoor zijn nieuwe technologieën, waardeketens en businessmodellen nodig. Hoe kunnen we daar vanuit de kracht van Oost-Nederland een bijdrage aan leveren? Martine Bonnema, projectleider bij Polymer Science Park en Martijn Kerssen, projectmanager Circulaire Economie vinden elkaar in de samenwerking Dutch Circular Polymer Valley en het afgeronde Europese-project Di-Plast.

 

We weten allemaal dat hergebruik van grondstoffen belangrijk is, waarom is het toch nog zo moeilijk om tot een circulaire economie te komen?

Martine: “Een belangrijk verschil met de lineaire economie is dat je andere partners in de keten nodig hebt om circulair te kunnen produceren. Je kan het niet alleen. Daarnaast is het moeilijk om een constante kwaliteit van recyclaat te garanderen. Dat begint al bij de inzameling die vaak verschillend is georganiseerd op verschillende plaatsen”

“De ene kunststof is de andere ook niet. Wat voor het ene product een fantastische eigenschap is, kan tijdens de productie van een ander product weer zorgen voor problemen. Maar vind het maar eens, gerecycled kunststof met de perfecte eigenschappen wat precies lijkt op het virgin kunststof wat je al jaren gebruikt. De overstap maken vraagt flexibiliteit aan beide kanten. De leveranciers van gerecycled kunststof werken aan oplossingen om het materiaal zo goed mogelijk te krijgen en de producenten van kunststoffen proberen met aanpassingen in hun producten juist beschikbaar materiaal te gebruiken. Hierin spelen merkeigenaren een belangrijke rol, zij kunnen de keuzes maken wat betreft het product”

Polymer Science Park ondersteunt bedrijven bij innovatie op het gebied van kunststoffen, wat houdt die ondersteuning in?

Martine: “Ondernemers kunnen bij ons aankloppen met hun vraagstukken. Want hoewel er dus allerlei belemmeringen zijn, is het mooi om te zien dat er veel bedrijven zijn die uitgaan van wat er dan wel kan. Zeker bij ons in de regio. Wij adviseren de bedrijven in het verduurzamen van hun kunststofproducten en hierbij geven wij ook praktische ondersteuning.”

“Het blijft dus, gelukkig, niet bij praten. Door bijvoorbeeld samen met het bedrijf te onderzoeken welke materiaaleigenschappen kritisch zijn en hoe je deze eigenschappen met gerecycled kunststof kan behalen, kunnen er steeds weer mooie stappen gezet worden. Soms helpt het om een tandje terug te doen, dan blijkt dat 100% gerecycled kunststof nog niet mogelijk is, maar dat je wel tot  50% virgin materiaal kan reduceren. Dan beginnen we dáármee en kijken we samen hoe we uiteindelijk tot die 100% kunnen komen. Het helpt hierbij dat wij het productieproces goed begrijpen en op locatie tijdens het produceren ook ondersteuning kunnen bieden, Door middel van trainingen kunnen bedrijven steeds beter produceren met gerecycled kunststof.”

Polymer Science Park is samen met Oost NL een van de partners binnen de Dutch Circular Polymer Valley. Wat houdt die samenwerking in?

Martijn: “DCPV is eigenlijk een proeftuin van de circulaire kunststoffen sector. In en rondom Zwolle zijn verschillende initiatieven die de kunststof sectoren het hergebruik van grondstoffen stimuleren, met de Regiodeal Zwolle – een impuls van het Rijk en de regio – hebben we dat bij elkaar kunnen brengen en versterken. Dat doen we samen met Polymer Science Park dus, maar ook met het Lectoraat Kunststoftechnologie Hogeschool Windesheim, ZWINC, Natuur en Milieu Overijssel/ WaardeRing, ROVA/ CirkelWaarde en Partners for Innovation. Samen hebben we als doel kennis delen, handvatten te bieden aan bedrijven en burgers ook te betrekken bij de circulaire economie.”

In Studio Oost NL meer over de samenwerking DCPV en circulaire initiatieven uit de regio. Tekst loopt door onder de video.

Kun je een voorbeeld geven wat dit soort samenwerking oplevert?

Martijn: “Een aansprekend voorbeeld is de samenwerking van Van Wijhe Verf met Veolia Polymers en Dijkstra Plastics – samen hebben die een verfemmer van 100% gerecycled plastic kunnen maken. Dat klinkt eenvoudiger dan het is, een verfemmer moet behoorlijk stevig zijn om het gewicht van de verf te kunnen dragen en dat betekent dat er hoge eisen aan het kunststof worden gesteld”.

Tekst loopt door onder de video.

“Wat ons betreft, wordt dit de norm voor alle verfemmers, waarom zou je hiervoor namelijk nog nieuwe plastic gebruiken?   Er worden hierover nu gesprekken gevoerd via het ministerie Infrastructuur en Waterstaat. Ook wordt er vanuit de nationale transitieagenda kunststoffen naar andere productgroepen gekeken die eigenlijk ook uit gerecycled kunststof kunnen worden gemaakt. Onder andere is er gekeken naar shampoo flacons en wordt er met de hele keten gewerkt aan de circulaire inspectieputten.”

Een belangrijke drempel in de transitie naar meer circulariteit is het ontbreken van een level playing field. Bedrijven die circulaire stappen zetten maken kosten, terwijl bedrijven die geen stappen zetten juist geen kosten maken – hoe kunnen we daar verandering in brengen?

Martijn: “Er zijn mogelijkheden om dat te verbeteren, zoals met een verbrandingsverbod op kunststof of een verplichting van een bepaald percentage recyclaat in producten. Maar vaak hebben die regels ook twee kanten. Het ligt heel genuanceerd en je moet oppassen dat een maatregel niet een ongewenst effect heeft.”

“Soms zijn er ook initiatieven die circulair lijken, maar als je dieper kijkt eigenlijk helemaal geen goed idee zijn, zoals kleding gemaakt van Pet-flessen. In plaats van een hoogwaardig foodgrade materiaal te hergebruiken in een foodgrade toepassing, maak je er een trui van die nog niet gerecycled kan worden tot de grondstof PET.”

“Er kan nog heel veel te verbeteren als het gaat om regelgeving. Denk aan het internationaal transport van afval. Dat is aan allerlei strenge regels verbonden, terwijl wij ‘afval’ en dus ook kunststof recyclaat zien als nieuwe grondstof. Wij helpen door signalen af te geven aan overheden, maar het is natuurlijk ook iets waar op Europese schaal naar gekeken moet worden.”

In Oost-Nederland wordt hard gewerkt aan circulaire innovaties op het gebied kan kunststoffen, als jullie een inspirerend voorbeeld mogen noemen, welke is dat dan?

Martine: “Auping geeft met hun circulaire matras een mooi voorbeeld van hoe samenwerken echt tot innovaties leidt.  Een ander mooi voorbeeld is hoe via vouchers uit het INTEREGG DiPlast-programma Hanzestrohm heeft onderzocht of een aantal van hun producten van gerecycled kunststof gemaakt kunnen worden. Met behulp van de DiPlast matrix tool is er een materiaal gevonden, getest en in productie getest.”

Martijn: “Ik ben er trots op dat we in Oost-Nederland een positieve drive hebben. Gewoon doen. Bedrijven die hun nek uitsteken. Je komt er achter dat het gewoon kan. Ik denk dat we het in Nederland en in het bijzonder Oost-Nederland niet slecht doen. Een voorbeeld daarvan is Basil, dat zijn circulaire fietskratten in Azië liet produceren. Met behulp van een De Groeiversneller en een DiPlast-voucher hebben die productie naar Nederland kunnen halen en wordt deze nu van gerecycled kunststof gemaakt.”

Martine: “Onze regio is in sommige opzichten echt koploper, maandag 6 februari vond het niet voor niets de Nationale Conferentie Circulaire Economie in Zwolle plaats, voor het eerst buiten Den Haag. In november staat het Nationaal Kunststof Congres op het programma. We zijn nu druk bezig met het programma, we willen aan Nederland laten zien wat er allemaal wél kan en al gebeurt op het gebied van kunststof recycling.”

Bron: Oost NL

Ondernemers overleven de ene crisis naar de andere crisis. Na een heftige Corona periode is er alweer plaats gemaakt voor de energiecrisis, grondstofcrisis en een personeelscrisis. Vanwege deze uitdagingen voor ondernemers is het moeilijk om te focussen op de lange termijn, terwijl dit toch essentieel is. Bedenk eens wat de grondstoffen of producten die je nu maakt over 30 jaar met de wereld doen?

2050

30 jaar geleden was het ondenkbaar dat je met je telefoon files kon volgen of binnen seconden contact kon hebben met mensen over de hele wereld. De wereld verandert zo snel dat het bijna niet bij te houden is. Bedenk daarom eens hoe de wereld er over 10 jaar uitziet. Dat is lastig voor te stellen, maar toch is het belangrijk voor je businessmodel. In 2050 leven wij waarschijnlijk in een volledig circulaire economie en wat voor rol ga jij daarin spelen? Ze zeggen: “stil staan is achteruitgaan en dat geldt in deze situatie zeker”. Want ben jij klaar voor een Co2 beprijzing? Kan jij verantwoorden waar je jouw reststromen vandaan haalt? En wat jouw product doet wanneer deze niet meer gebruikt wordt? Ga je daar als producent straks verantwoordelijk voor worden? Het is belangrijk dat wij met z’n allen actie ondernemen, want bestaat onze industrie op de huidige manier nog wel in de economie van 2030? Of 2050?

Verduurzamen in kleine stappen

Op dit moment wordt van de 24,5 miljoen ton plasticafval 14% gerecycled en dit is een stap in de goede richting. Toch zijn er nog veel stappen te maken en te bereiken door in de kunststofindustrie samen te werken. Vol verwondering lees ik zo nu en dan dat we ‘onze’ hoogwaardige kunststoffen nog steeds verbranden. Zouden we nog meer dierbare grondstoffen kunnen redden van een eenmalig leven of de verbrandingsoven? Ga in gesprek met de overheid en met het onderwijs en kijk wat er mogelijk is. Denk niet alleen aan het gebruik van recyclaat, maar ook aan het transport, productieproces of de leveranciers. Op verschillende vlakken zijn duurzame stappen te maken, die soms makkelijker zijn dan het lijkt. En laten we proberen met elkaar een mooi verdienmodel te maken van circulaire kunststoffen. Want laten we eerlijk zijn; jij gooit je contante briefgeld toch ook niet in de open haard?

Urgentie

Het is dus belangrijk dat wij nu in actie komen om de toekomst van kunststof in de positieve richting te duwen. De overheid heeft de oplossing niet, ook al zijn ze verantwoordelijk voor de afvalstromen en hebben ze er veel baat bij. Het is belangrijk dat we nu in actie komen om ons bestaansrecht te behouden. Op dit moment wordt kunststof massaal vervangen door karton. Het imago van kunststof is wel eens beter geweest, toch is kunststof in veel situaties het juiste materiaal om te gebruiken.

Wil je over vijf jaar veranderen omdat het moet of wil je nu veranderen omdat het kan?


Deze blog is een bijdrage van Emmelien Regeling – RPP Kunststof oplossingen
Bron afbeelding: MacKay cartoons

Polymer Science Park investeert volop in nieuwe apparatuur, waarmee wij uw bedrijf nog beter van dienst kunnen zijn op weg naar een circulair kunststof product. Deze week verwelkomen wij een nieuwe volledig elektrische spuitgietmachine, de Fanuc Roboshot.

In samenwerking met ORA machines is deze week de Fanuc Roboshot spuitgietmachine geïnstalleerd bij PSP. Hiermee kunnen wij uw testproducten nog nauwkeuriger en efficiënter produceren. De machine is betrouwbaar met een maximale precisie en uitstekende herhaalbaarheid. Het bevat unieke procesfuncties, waarmee spuitgietprocessen nog beter ingericht kunnen worden.

 

Een aantal details:

  • Volledig elektrisch
  • 650kN sluitkracht
  • 400-150mm matrijshoogte
  • 360x320mm holmafstand
  • 58 cm3 injectievolume (28mm schroefdiameter)

 

 

 

Benieuwd wat wij hiermee voor uw bedrijf kunnen betekenen? Maak een afspraak en kom de nieuwe machine ervaren.

Papier apart inzamelen wordt al op grote schaal toegepast met als doel hergebruiken voor bijvoorbeeld uw nieuwe notitieblokken of koffiebekers. Helaas kan niet al het ingezamelde papier weer opnieuw verwerkt worden tot papier. De reststroom die hieruit ontstaat heeft Alucha geïnspireerd om een proces te ontwikkelen waarbij er calcium carbonaat gewonnen kan worden uit papierafval. Calcium carbonaat is een veel gebruikte en noodzakelijke vulstof in de PVC industrie. Een gesteente dat momenteel door middel van mijnbouw wordt gewonnen. Een meer duurzame oplossing is daarom wenselijk.

Het project

Het proces van Alucha heeft geleid tot een ketensamenwerking met PVC verwerker DYKA, compoundeur PlastChem en Polymer Science Park. Dankzij een bijdrage van de Provincie Overijssel is het project CCC4PVC: “ Circulaire Calcium Carbonaat voor PVC buizen” mogelijk gemaakt. Binnen dit project kijken wij of het haalbaar is om grounded calcium carbonaat (GCC) uit de mijnen te vervangen door circulair calcium carbonaat (CCC) in drielaagse PVC rioleringsbuizen. De kern van deze buizen bestaat op dit moment uit 80% gerecycled PVC (rPVC) en 20% GCC. Deze kern is goed voor 50% van de totale massa van de buis. De binnen- en buitenlaag bevatten ongebruikt oftewel virgin PVC en GCC.

Als het haalbaar blijkt, dan kan de kern van de buis uit 100% circulair materiaal bestaan. Zo wordt de circulaire content van de gehele buis verhoogt van 40% naar 50% en wellicht later tot 60%. Hiermee wordt er voldaan aan de doelstelling van 2030: 50% circulair.

Resultaten tot nu toe                     

De eerste lab resultaten van dit project zijn positief. Het CCC uit het proces van Alucha bevat hele fijne deeltjes uit de papierindustrie. Alucha heeft de CCC op de gewenste specificaties weten te brengen voor toepassing in PVC buizen. In het ketenproject zijn verschillend vervang ingsratio’s getest en vergeleken met referentie commerciële GCC. PlastChem heeft CCC houdende compounds kunnen ontwikkelen en referentie testmateriaal met typische GCC gemaakt. DYKA heeft vervolgens het materiaal verwerkt tot buizen en de verwerkingseigenschappen geëvalueerd. Tot nu toe is gebleken dat 100% vervanging van GCC mogelijk is. Het project gaat een laatste fase in. Als laatste onderdeel van dit project zal op een commerciële productielijn van DYKA buizen worden geproduceerd.

Als PSP zijn wij trots op deze mooie samenwerking die is ontstaan vanuit partnermatching. Wij hebben ook kunnen bijdragen met projectmanagement, onderzoek en het uitvoeren van testen.
Een volgend project zal zijn: CCC4PVC-profielen. Mocht u geïnteresseerd zijn in deelname aan dit nieuwe project? Neem dan contact op met PSP. Meer informatie over onze andere deelnemers vindt u hier.

Er zijn kansen genoeg om kunststof verpakkingsafval een tweede leven te geven, door het recyclaat niet als tweedehands virgin kunststof te beschouwen maar als een ander materiaal met zijn eigen identiteit en eigenschappen. En: wees bereid om erin te investeren, niet alleen financieel, ook in tijd en in het aangaan van partnerships. Deze en nog meer lessen trekt het programma Kunststof Verpakkingsafval als Grondstof (KVG) uit vijftien pilots, waarvan op 13 november jl. tijdens een eindsymposium de resultaten bekend zijn gemaakt. Projectleider Daphne van den Berg van het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV): “Met KVG tonen we aan dat er veel mogelijkheden zijn om van recyclaat iets interessants, leuks of eigentijds maken, waarvoor genoeg belangstelling in de markt is.”

Afgelopen twee jaar voerde Rijkswaterstaat samen met het KIDV het KVG-programma uit. Doelstelling was om vraag en aanbod van recyclaat dichter bij elkaar te brengen en daarmee het gebruik en de vraag naar primaire grondstoffen terug te dringen. Van den Berg: “Zo komen we dichter bij een circulaire economie.” Eerst werd een technische en economische verkenning uitgevoerd om meer en beter inzicht te krijgen in de vraagzijde van de markt en toepassingsmogelijkheden van kunststofrecyclaat. Daarna zijn de vijftien pilots uitgevoerd met inhoudelijke en financiële steun van het programma. De pilots focuste zich op technische innovaties en circulair inkopen. En richten zich op (verwerkings)technieken, design, procesinnovaties en innovaties via ketensamenwerking.

Meer toepassingsmogelijkheden

Vijf pilots richtten zich op de toepassing van huishoudelijk kunststof verpakkingsafval in nieuwe verpakkingen, van koffiebekers tot pallets bijvoorbeeld. Andere pilots gingen onder meer over de mogelijkheden om recyclaat in speelgoed en straatkolken te verwerken of om het als grondstof voor 3D-printen te gebruiken. Uit de rapportage van het KVG-programma: het aantal toepassingsmogelijkheden van gerecyclede kunststoffen is vergroot, doordat in de vijftien pilotprojecten nieuwe producten zijn ontwikkeld van recyclaat. “Gemakkelijk is dat niet altijd. De ervaringen en lessen die zijn geleerd, kunnen goed worden gebruikt door andere organisaties die recyclaat in hun eigen praktijk willen toepassen”, stelt Van den Berg.

 

In het document ‘Tweede levens van kunststofverpakkingen: lessen uit de praktijk’ heeft KVG lessen en tips uit de pilots op een rij gezet. Zoals:

  • Wees vanaf het begin bereid om in elkaar te investeren als pilotpartners.
  • Vorm een consortium waarbij de verschillende schakels in de keten aan tafel zitten en creëer een verantwoordelijkheidsgevoel bij alle partijen.
  • Beschouw recyclaat niet als tweedehands virgin kunststof, maar bekijk het als een ander materiaal met zijn eigen identiteit en eigenschappen.
  • Maak het voordeel dat een innovatie met recyclaat biedt goed zichtbaar voor de markt die je betreedt.
  • Kijk als inkopende partij kritisch naar de inkoopeisen, zodat deze realistisch worden uitgevraagd bij een product of verpakking van recyclaat.

Op basis van de bevindingen van het programma, liggen de grootste kansen voor het toepassen van het recyclaat van kunststof verpakkingsafval in de sectoren bouw en infra, agrofood, bij niet-voedselverpakkingen, transportverpakkingen en consumentenartikelen. In zeven pilots zijn producten zo ver ontwikkeld dat ze rijp zijn voor marktintroductie in 2020. Verschillende pilots hebben gewerkt aan de verbetering van de kwaliteit van gerecyclede kunststoffen door ontwikkeling van nieuwe technologie of andere processtappen bij recyclers en verwerkers van het recyclaat.

Het programma Kunststof Verpakkingsafval als Grondstof is gefinancierd door Stichting Afvalfonds. MVO Nederland en Polymer Science Park ondersteunden de pilotdeelnemers. Het programma stopt binnenkort officieel; de deelnemers ontmoeten elkaar in 2020 nog om met elkaar te kijken naar mogelijke vervolgstappen.

Meer informatie

De resultaten, tips en ervaringen van het programma Kunststof Verpakkingsafval als Grondstof vind je hier: www.kunststofhergebruiken.nl

De factsheets per pilotprojecten. https://kunststofhergebruiken.nl/kvg/factsheets/

Het document ‘Tweede levens van kunststofverpakkingen: lessen uit de praktijk’. https://kunststofhergebruiken.nl/publish/pages/168565/tweede_levens_van_kunststofverpakkingen.pdf

Wat is er mogelijk met huishoudelijk verpakkingsafval? Heel veel! Wat denk je van 3D printen met kunststof verpakkingsmateriaal of het maken van infiltratiekratten voor het opvangen van regenwater? Zomaar twee uitkomsten van een aantal pilots waar de afgelopen maanden binnen het programma Kunststof Verpakkingsmateriaal als Grondstof (KVG-programma) aan gewerkt is. Tijdens het opschalingsdiner eind september wisselden alle deelnemers aan de pilots de resultaten met elkaar uit en bespraken ze de mogelijkheden om hun pilot op te schalen. Namens het Polymer Science Park nam Gerard Boschman deel aan dit opschalingsdiner. Hij was tafelheer bij de pilot Infiltratiekratten van De Groot Vroomshoop Groep.

,,Het KVG-programma is op initiatief van Rijkswaterstaat en Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV) ontstaan”, vertelt Gerard. ,, Het programma Kunststof Verpakkingsafval als Grondstof (KVG) stimuleert het gebruik van huishoudelijk kunststof verpakkingsafval in producten. Door vraag en aanbod van gerecyclede kunststoffen beter op elkaar aan te sluiten, wordt het gebruik van primaire grondstoffen teruggedrongen. De focus ligt op twee pijlers: inkoop en innovatie. Het programma wordt uitgevoerd door Rijkswaterstaat (RWS) en Kennisinstituut Duurzaam Verpakken (KIDV) en gefinancierd door Stichting Afvalfonds. PSP ondersteunt dit programma via KIDV met technisch onderzoek. We doen testen in onze laboratoria om de pilots meer inzicht te geven in hun mogelijkheden.”

Testen
,,Zo hebben we voor Veolia een geurtest gedaan”, licht Gerard toe. ,,Hier werden kunststofproducten gespuitgiet tot bakjes die we gelijk luchtdicht verpakt hebben. We hebben een meting van stofdeeltjes gedaan en onderzocht of er sprake was van een hinderlijke geur. Voor Save Plastics hebben we een ‘lange duur test’ gedaan, een geurtest en een antisliptest. Bij dat laatste hebben we getest hoe de wrijvingsweerstand van de betreffende kunststof was. Dat is hier nodig, omdat dit tot kunststofplanken verwerkt wordt.”

Infiltratiekratten
Tijdens het diner was Gerard tafelheer bij de pilot die door De Groot Vroomshoop is opgezet. Het gaat hierom het maken van kunststof infiltratiekratten die geplaatst kunnen worden onder bergingen. Deze kratten vangen regenwater op. ,,Tijdens de pilot hebben we diverse testen, zoals  schroeftesten,  gedaan”, vertelt Gerard. ,,Daarbij was het van belang om te testen hoe goed de kunststofverbinding blijft zitten als je deze met schroeven in elkaar zet. We hebben ook gekeken hoe we de stabiliteit van de materialen konden verbeteren. Dat deden we met het team van PSP. We hebben nieuwe additieven in de grondstof gecompoundeerd en daarna testen hierop uitgevoerd.”

Waaier aan ideeën
Nu is het moment gekomen om deze toepassing op de markt te zetten, zodat ze bij nieuwbouwprojecten meteen geplaatst worden onder bergingen. Dat betekent opschaling van de pilot. Aan tafel zaten partijen die De Groot Vroomshoop hierbij kunnen ondersteunen. In twee rondes werd onder leiding van Gerard geïnventariseerd wat de verschillende partijen kunnen en willen bijdragen. Daar kwam een waaier aan ideeën uit. ,,Zo heeft een partij interesse getoond om te onderzoeken welke mogelijkheden de infiltratiekisten nog meer bieden te hebben”, laat Gerard weten. ,,PSP denkt graag mee over de kansen in de markt. Alle partijen hebben aan het eind van de avond hun commitment in een ‘gentlemen’s agreement’ uitgesproken. Een mooi resultaat!“

Eindsymposium 13 november
Op 13 november vindt het eindsymposium van het KVG programma plaats. Dan laten alle deelnemers de resultaten van de verschillende pilots zien. Ook hierbij is PSP van de partij. We zullen  als moderator optreden. ,,Ik ben heel benieuwd wat er uit alle pilots komt”, licht Gerard toe. ,,Het is een ontzettend mooi en ambitieus programma dat wat mij betreft zeker een vervolg verdient. We hebben nu alleen gekeken naar de mogelijkheden van huishoudelijke kunststof reststromen. In een vervolg zouden we dit kunnen uitbreiden naar andere kunststof reststromen. Maar dat is maar een idee. Er zullen vast nog veel meer mogelijkheden voor een vervolg zijn. Ik kijk met belangstelling uit naar het eindsymposium en verwacht dat er daar mooie resultaten gepresenteerd worden.”

Heb je een vraag?

Bel ons op 085 483 7800 of maak gebruik van het onderstaande contactformulier.